Welke onderlinge samenwerking is er nodig om de nieuwe Omgevingswet tot een succes te maken? Programmamanager Marjon de Groot van gemeente Amsterdam vertelt hoe zij de Omgevingswet aanpakt: "we zijn begonnen met een gigantische roadshow".

"De verbinding met de buitenwereld, die de Omgevingswet van ons vraagt, krijg je niet zomaar voor elkaar. Dat realiseerden we ons dik drie jaar geleden", zegt programmamanager Marjon de Groot. Zij is verantwoordelijk voor leren en ontwikkelen bij de voorbereidingen op de Omgevingswet bij de gemeente Amsterdam. Een enorme operatie. Want er werken meer dan 13.000 ambtenaren en de omgevingstaken zijn verdeeld over aparte directies. Die moeten leren op een integrale manier samen te werken.

Marjon De Groot Programmamanager Amsterdam

Het uitgangspunt van het project was de vraag: welke onderlinge samenwerking hebben we nodig om de nieuwe Omgevingswet succesvol in te voeren?

Marjon de Groot, Programmamanager

"Het uitgangspunt van het project was de vraag: welke onderlinge samenwerking hebben we nodig om de nieuwe Omgevingswet succesvol in te voeren?", vertelt Marjon. "Tweederde van de collega’s werkte nog niet noodzakelijk samen. Wat dat betreft keken we jaloers naar de kleinere buurgemeente Zaanstad, waar iedereen met elkaar te maken heeft.’ Samen met de stedelijk manager Omgevingswet en het kernteam ging Marjon aan de slag. Medewerkers die binnenkort met elkaar moeten samenwerken, werden uitgenodigd: beleid, uitvoering, dienstverlening, alles bij elkaar. ‘We hebben zorgvuldig dwarsverbanden gelegd tussen alle beleidsterreinen, zoals milieu, monumentenzorg en water."

Omgevingswet vakdag Joyce Alma 800

Serious game als leermethode

"Om iedereen te bereiken, zijn we begonnen met een gigantische roadshow. Die roadshow bestond uit 160 bijeenkomsten in 2,5 jaar, door de hele organisatie. In kleine groepen hebben de collega’s een serious game gespeeld die we zelf ontwikkeld hebben. Daarin krijg je steeds korte blokjes informatie over de Omgevingswet en een casus te zien. Zo kun je de oude en de nieuwe methodiek stap voor stap vergelijken. Het doel van het spel was kennis van de wet overdragen, en vooral: de dialoog bevorderen."

Vanaf het allereerste, onwennige begin over de Omgevingswet zaten medewerkers dus bij elkaar en dat was precies de bedoeling. Want dan hoor je de opvattingen van medewerkers over de nieuwe wet, en gaat het gesprek ook echt ergens over.

Marjon: "Collega’s die gewend zijn regels te toetsen, werden wat angstig van de nieuwe aanpak. De gemeente moet meer aan de buitenwereld overlaten. Zij zagen niet voor zich hoe een projectontwikkelaar de buurt kan meenemen in zijn bouwplannen. Nu is dat natuurlijk nog een taak van de gemeente. “Dat kunnen we toch veel beter zelf”, werd gezegd.

Ambtenaren hebben ervaring met dit soort processen. Het idee is dat zij minder snel fouten zullen maken. Een ander ziet het als een lonkend perspectief: projectontwikkelaars móeten zich nu wel bewust worden van hun omgeving.

Deze twee groepen kunnen iets van elkaar leren. Het is goed als enthousiaste collega’s ook binnen de integrale werkwijze het ambtelijk handwerk niet vergeten. Gesprekken met de omgeving moeten we bijvoorbeeld nog steeds zorgvuldig organiseren, en juridische valkuilen moeten vermeden worden."

Omgevingswet Shirley Brandeis 1600

Aan de slag: gewoon uitproberen

"Naast de roadshow gingen collega’s in een hele reeks aan pilots en praktijkproeven alvast aan de slag volgens de uitgangspunten van de nieuwe wet. Bij nieuwe initiatieven keken ze naar wat kan en mag als je bestaande wetten en de wensen van de betrokkenen in de buurt naast elkaar legt.

Ter illustratie drie pilots: - de ontwikkeling van de integrale adviestafel met plannen uit de praktijk, - een Kwaliteitsplan groen voor het Amsterdamse Bos, en - een derde pilot over het maken van digitale tools om op te zoeken wat wel en niet mag in de openbare ruimte.

Hackathon

Deze laatste pilot had de vorm van een hackathon. Gedurende 36 uur richtten verschillende diensten en bedrijven zich op de casus van een horecaondernemer die een brouwerij annex café wilde openen in een gemeentelijk monument. Dat leverde drie prototypes van hulpmiddelen op. In de eerste plaats een formulier dat zelf wijst op veelvoorkomende fouten, als dat dat nodig is. In de tweede plaats een soort Funda voor de Omgevingswet, en tenslotte een app die het draagvlak voor een bewonersplan in de buurt test."

De verbinding met de buitenwereld, die de Omgevingswet van ons vraagt, krijg je niet zomaar voor elkaar.

Marjon de Groot, Programmamanager Gemeente Amsterdam

Samenwerken is de crux

Alle pilots hadden resultaat. Marjon:"Samen afwegen blijkt veel sneller te gaan dan plannen toetsen per beleidsterrein. Bovendien levert het geen waterige compromissen op, maar beslissingen waarmee alle betrokkenen gelukkiger zijn. Vanaf het begin samenwerken aan het afwegen van nieuwe initiatieven werkt zo goed dat we het nu in de hele stad doen."

Het traject leverde tot nu toe een aantal waardevolle lessen op. Dat het belangrijk is om op zoek te gaan naar dominante patronen in de organisatie bijvoorbeeld, en daar zo nodig wat aan te doen. Marjon:"In Amsterdam hebben we de neiging om met een paar knappe koppen in een kamer te gaan zitten en daar het probleem op te lossen. Terwijl je voor de Omgevingswet juist naar de wijken en bewoners moet. In het leertraject was het daarom heel belangrijk om zo snel mogelijk naar buiten te gaan. Dat was voor onze organisatie het moeilijkste deel van de voorbereiding op de Omgevingswet."

Weerstand is waardevol

Een andere les is dat weerstand een waardevolle tegenbeweging is. Marjon: "Sowieso is het helemaal niet raar dat mensen kritisch zijn. Op basis van hun ervaring vinden collega’s deze plannen veel te ambitieus. Door het hier over te hebben, komt de argumentatie van mensen tenminste echt goed op tafel. We merkten ook dat anderen er positief kritisch op reageerden. Zo van: als we hier en daar nou rekening mee houden, dan kan het wel. Bovendien voorkomt een kritische houding dat we met zijn allen aan wensdenken gaan doen over de toekomst. Want we moeten ook weer niet denken dat de Omgevingswet alles mooi maakt."

In Amsterdam bleek dus dat je waardevolle bouwstenen kunt maken van kritische geluiden. En dat is extra belangrijk omdat de Omgevingswet geen gelopen koers is. Marjon: ‘De wet schrijft juist niet alles klip en klaar voor. De gemeente Amsterdam moet er haar eigen maatwerk van maken. De veelzijdige ervaring en deskundigheid van al die verschillende collega’s is dus echt nodig. Want wie de tegenstrijdigheden in de huidige regelgeving kent, kan veel beter alternatieven aandragen.’

Omgevingswet helpt bij afwegen belangen

Marjon heeft vertrouwen in het slagen van de Omgevingswet in Amsterdam. "Omdat we drie jaar geleden al gestart zijn, doen heel veel collega’s nu mee en kunnen we plannen integraal benaderen. De kansen en dilemma’s hebben we goed op het netvlies. Dat geldt ook voor het gemeentebestuur: die heeft de ambitie om de Omgevingsvisie nog deze bestuursperiode vast te stellen. Dat is lekker vroeg."

Bovendien past de Omgevingswet goed bij belangrijke andere doelen van de organisatie: "Het Amsterdamse gemeentebestuur wil lokale democratie en zeggenschap onder inwoners vergroten. Net als in veel gemeentes ligt bij ons een enorme druk op de stad: we moeten investeren in duurzaamheid, woningbouw en betaalbaarheid. Deze belangen moeten bij elk plan tegen elkaar worden afgewogen. Als we het goed doen, kan de Omgevingswet ons daar uitstekend bij helpen".

Belangrijkste lessen

  1. Zoek de dominante patronen in je organisatie – en kijk of ze wel echt bijdragen
  2. Koester weerstand en ga het gesprek aan – dat levert de beste argumenten op
  3. Zorg dat iedereen in de organisatie zo vroeg mogelijk samenwerkt – dat helpt voor later

Heb jij een mooie ervaring uit de praktijk? Dan horen wij dat graag! Stuur een mail naar esther.loozen@aeno.nl, dan neemt zij contact met je op.

Misschien vind je dit ook interessant