In de jaren dertig werden duizenden werkloze Nederlanders aan het werk gezet in de werkverschaffing. Met schop en kruiwagen ontgonnen ze grond, groeven ze greppels en legden ze wegen aan. Het werk was zwaar, de verdiensten karig en de keuzevrijheid beperkt. Toch leverde het een inkomen op en ontstonden landschappen en voorzieningen waarvan we vandaag nog profiteren. Wie tegenwoordig door zo'n gebied wandelt, staat er zelden bij stil hoeveel schopsteken daarvoor nodig waren.

Deze column van directeur Jeroen van Gool, verscheen eerder in Binnenlands Bestuur | uitgave 4 november 2026.

In de eeuw die volgde, veranderde de wereld van werk ingrijpend. Werkgeversorganisaties en vakbonden hebben daarin veel bereikt. Betere arbeidsvoorwaarden, meer veiligheid, aandacht voor gezondheid en ontwikkeling. Ook werkplezier en de ruimte om je vak goed uit te oefenen, zijn belangrijker geworden. Gelukkig maar.

Wel zijn we steeds meer tijd gaan besteden aan het organiseren, controleren en verantwoorden van ons werk. Daar zijn goede redenen voor, maar de administratieve lastendruk is op veel plekken doorgeschoten.

In de zorg klinkt al jaren de roep om meer handen aan het bed, bij de politie om meer blauw op straat. Ook bij gemeenten werken mensen die het verschil willen maken. Die inwoners helpen, problemen oplossen en hun gemeente mooier maken. Bij het A&O Fonds noemen we hen verschilmakers. Laten we zorgen dat ze daar zoveel mogelijk ruimte voor krijgen.

Personele ravijnjaren

Zeker nu de personele ravijnjaren eraan komen. Binnen tien jaar bereikt ongeveer een derde van de huidige gemeenteambtenaren de pensioenleeftijd. De arbeidsmarkt is krap; ook in andere sectoren. We moeten slimmer omgaan met de beschikbare arbeidskrachten, AI benutten en onze uitvoeringskracht versterken. Dat vraagt om een maatschappelijke inspanning die doet denken aan de werkverschaffing van een eeuw geleden. Met ditmaal een omgekeerde beweging: werkafschaffing.

Er valt heel wat af te schaffen zonder dat iemand er slechter van wordt. Werkdruk ontstaat ook door tegenstrijdige regels, knellende procedures en controles die zich opstapelen. De controle op de controle. De rapportage over de voortgang van de rapportage. De procedure die ooit een probleem moest oplossen, maar inmiddels vooral zichzelf in stand houdt. En de bestuurlijke behoefte om alles vooraf dicht te regelen en achteraf tot drie cijfers achter de komma te verantwoorden.

Toen ik bij een inspectiedienst werkte, leerde ik een prachtige uitspraak: 'Meten is weten, maar doe meer met ongeveer.' Een wijsheid die vermoedelijk nooit de eindredactie van een accountantsprotocol heeft gehaald. Natuurlijk moeten publieke middelen verantwoord worden besteed. Maar iedere extra controle kost tijd en die kan een ambtenaar maar één keer besteden.

Werkafschaffing vraagt om vertrouwen

'Werkafschaffing vraagt om vertrouwen in ambtelijk vakmanschap en ruimte om daadwerkelijk het verschil te maken.' Dat vergt moed van bestuurders en leidinggevenden om knellende regels te schrappen en overbodige controles los te laten. 'Technologie kan terugkerend werk uit handen nemen en zo de ambtelijke ademruimte vergroten. Ruimte om met plezier het werk te doen dat er écht toe doet.'

De arbeiders van een eeuw geleden lieten parken, wegen en landschappen achter waarvan we nog altijd profiteren. 'Ook de verschilmakers bij gemeenten leveren iedere dag een bijdrage aan de samenleving van morgen.'. Misschien moeten we de schop daarom wat vaker in het papierwerk zetten?

Misschien vind je dit ook interessant