Het verzuim bij Nederlandse gemeenten is gestegen naar 7,1 procent; het hoogste niveau in ruim 20 jaar tijd. Dat blijkt uit de Personeelsmonitor Gemeenten 2025 van A&O fonds Gemeenten. Tegelijkertijd had 73 procent van de gemeenten te maken met personeelstekorten. Gemeenten staan voor een kantelpunt: de focus verschuift van uitbreiding van het personeelsbestand naar bewuste keuzes maken en anders organiseren.  

Accepteer onze cookies om deze inhoud te kunnen bekijken.

Werkdruk en privé slaan harder toe 

De stijging van verzuim zit vooral in langdurig verzuim, dat toenam van 5,2 naar 5,6 procent. Werkdruk en -stress zijn de op één na belangrijkste oorzaak van langdurig verzuim, na fysieke omstandigheden. Privéomstandigheden spelen een steeds grotere rol bij langdurig verzuim. 55 procent van de gemeenten noemt dit nu als één van de drie belangrijkste oorzaken; dat is een stijging van 8 procentpunt. Gemeenten reageren met meer aandacht voor preventie: 72 procent nam maatregelen om werkdruk te verlagen en 63 procent heeft een beleidsplan vitaliteit. 

Krapte zet gemeentelijke dienstverlening onder druk 

Bijna driekwart van de gemeenten had het afgelopen jaar te maken met personeelstekorten. Dat raakt direct aan maatschappelijke opgaven: vooral in ruimtelijke ordening, wonen en ICT zijn vacatures moeilijk te vervullen, precies de domeinen die cruciaal zijn voor woningbouw en de energietransitie. 

Gemeenten wachten niet af. Ze organiseren het werk anders, zetten in op vaardigheden in plaats van diploma’s en begeleiden nieuwe medewerkers intensiever. Maar liefst 100 procent van de gemeenten richt zich actief op het behouden en ontwikkelen van eigen personeel. 

Thema | Leren en Ontwikkelen
Jeroen van Gool directeur Aen O fonds Gemeenten 1000

Uit onze nieuwe Personeelsmonitor blijkt wederom dat het belangrijk is dat colleges van B&W niet alleen sturen op ambitie, maar ook oog hebben voor wat uitvoerbaar is. In de context van blijvende arbeidsmarktkrapte, stijgend verzuim en druk op gemeenteprofessionals is dit alleen maar belangrijker geworden.

Jeroen van Gool, Directeur A&O fonds Gemeenten 

Groei zet door, maar zwakt af 

In 2025 werkten er bijna 208.000 mensen bij gemeenten. Dat is een groei van 3,6 procent ten opzichte van 2024. Daarmee groeit de gemeentelijke sector nog steeds, maar duidelijk minder hard dan in de jaren daarvoor (5,6 procent in 2023 en 4,6 procent in 2024).  

Jongeren aantrekken lukt, vasthouden nog niet 

Gemeenten slagen er beter in om jongeren te werven: 45 procent van de instroom is jonger dan 35 jaar. Tegelijkertijd is ook een kwart van de vertrekkende medewerkers jonger dan 35 jaar. Onvoldoende doorgroeiperspectief is de voornaamste reden.  

Door de instroom van jonge medewerkers daalde de gemiddelde leeftijd in 2025 opnieuw licht naar 46,2 jaar. Inmiddels is ruim één op de vijf medewerkers jonger dan 35 jaar. 

Vergrijzing blijft aandachtspunt 

Ondanks de aanwas van jongeren blijft de gemeentelijke sector relatief vergrijsd. Zo is nog altijd bijna een derde van de gemeenteambtenaren 55 jaar of ouder. Om precies te zijn is 27 procent tussen 55 en 65 jaar oud en 4 procent is 65-plusser. Dat blijft de komende jaren merkbaar, bijvoorbeeld in uitstroom en werkdruk. 

Gezien de naderende pensioengolf is het belangrijk dat gemeenten kennis en ervaring van oudere medewerkers behouden en tijdig overdragen.  

Goed om te beseffen: als de huidige samenstelling van personeelsbestand gelijk blijft, bereikt naar verwachting circa een derde van de medewerkers binnen 10 jaar de pensioengerechtigde leeftijd. 

Meer grip op externe inzet 

De uitgaven aan externe inzet zijn in 2025 verder gedaald van 17,5 procent naar 16,1 procent van de loonsom. Dit heeft grotendeels te maken met de opheffing van het handhavingsmoratorium van de Wet DBA. Gemeenten denken kritischer na over hun externe inzet en sturen bewuster op hun personeelsmix. 70 procent van de gemeenten voert actief beleid om externe inzet te beperken.  

Kantelpunt 

De Personeelsmonitor 2025 laat een sector zien die nog steeds groeit, maar duidelijk in een andere fase terechtkomt. De groei vlakt af en de focus verschuift van aantallen naar kwaliteit en effectiviteit. 

De grootste uitdagingen liggen niet meer alleen in het aantrekken van mensen, maar vooral in het behouden, ontwikkelen, goed inzetten van medewerkers en het terugdringen van verzuim. Tegelijk vraagt de toekomst om meer vooruitkijken en het maken van strategische (datagedreven) keuzes. 

Patricia Aen O fonds Personeelsmonitor2025 portret

Gemeenten moeten veel strategischer kijken naar hun personeelsplanning. Kijk niet alleen naar de behoefte van vandaag, maar ook naar de komende tien jaar: hoeveel uitstroom richting pensioen verwacht je én welke keuzes wil je als gemeente maken richting inwoners?

Patricia Honcoop, Programmamaker Onderzoek A&O fonds Gemeenten

SPP belangrijke kans 

De uitdaging voor gemeenten zit vooral in de combinatie: jonge medewerkers goed laten instromen en ontwikkelen en tegelijkertijd de kennis en ervaring van oudere medewerkers behouden en tijdig overgedragen.  

Strategische personeelsplanning (SPP) is hierbij een belangrijke kans. Bij veel gemeenten staat dit nog in de kinderschoenen: 39 procent is nog aan het verkennen, 45 procent heeft eerste stappen gezet en slechts 15 procent van de gemeenten heeft dit al echt goed ingericht.  

Gemeenten die hun personeelsvraagstukken meer in samenhang bekijken, vooruitkijken én keuzes baseren op data, kunnen gerichter sturen en beter omgaan met personeelskrapte. 

Misschien vind je dit ook interessant