Het personeelsbestand van gemeenten blijft groeien, maar minder hard dan bij provincies en waterschappen. Ook het verschil in verzuim tussen gemeenten en de andere decentrale overheidssectoren wordt groter. Dat blijkt uit de nieuwe Personeelsmonitor Decentrale Overheidssectoren 2025, waarin de belangrijkste HR-kengetallen van gemeenten, provincies en waterschappen naast elkaar zijn gezet.

De monitor is een gezamenlijke uitgave van A&O fonds Gemeenten, A&O-fonds Provincies en A&O fonds Waterschappen. Door voor de drie sectoren dezelfde kerngegevens over 2023, 2024 en 2025 te vergelijken, wordt zichtbaar waar ontwikkelingen gelijk opgaan én waar verschillen ontstaan.

Gemeentelijk personeelsbestand groeit het minst hard

Alle drie de decentrale overheidssectoren groeiden in 2025. De sterkste groei vond plaats bij provincies: het aantal medewerkers nam daar met 7,1% toe. Bij waterschappen bedroeg de groei 4,2% en bij gemeenten 3,6%. Gemeenten blijven met bijna 208.000 medewerkers veruit de grootste van de drie sectoren.

Tegen de achtergrond van de aanhoudende personeelstekorten laat dit zien dat het voor gemeenten steeds belangrijker wordt om niet alleen naar groei en werving te kijken, maar ook naar behoud, ontwikkeling en andere manieren om het werk te organiseren.

Gemeenten relatief jong

Opvallend is dat gemeenten van de drie sectoren gemiddeld het jongste personeelsbestand hebben. In 2025 lag de gemiddelde leeftijd bij gemeenten op 46,2 jaar, tegenover 47,1 jaar bij zowel provincies als waterschappen. 

Bij gemeenten daalde de gemiddelde leeftijd bovendien verder. Ook bij provincies was sprake van een daling, terwijl de gemiddelde leeftijd bij waterschappen juist steeg. 

Patricia Honcoop Onderzoeker
Fotografie: Kees Winkelman

De Personeelsmonitor Decentrale Overheidssectoren laat zien dat gemeenten, provincies en waterschappen voor vergelijkbare arbeidsmarktvraagstukken staan, maar dat de ontwikkelingen niet overal hetzelfde verlopen. Juist die vergelijking biedt mogelijkheden om van elkaar te leren.

Patricia Honcoop, Programmamaker Onderzoek

Verschil verzuim wordt groter

Het duidelijkste verschil tussen de sectoren is zichtbaar bij het verzuim. Bij provincies bleef het verzuim in 2025 met 5,3% gelijk aan 2024. Bij waterschappen steeg het licht van 4,9% naar 5,0%. Bij gemeenten nam het verzuim opnieuw toe: van 6,7% naar 7,1%. Daarmee ligt het gemeentelijke verzuim inmiddels ruim twee procentpunt boven dat van de waterschappen. 

De vergelijking met provincies en waterschappen onderstreept daarmee het belang voor gemeenten om aandacht te blijven houden voor gezond werken, preventie en duurzame inzetbaarheid.

De drie A&O-fondsen blijven kennis en ervaringen uitwisselen en trekken waar relevant gezamenlijk op rond ontwikkelingen die de decentrale overheid als geheel raken.

Meer weten over gemeenten?

Wil je verder inzoomen op de ontwikkelingen binnen gemeenten? Bekijk dan de Personeelsmonitor Gemeenten 2025 en het bijbehorende dashboard. Daar vind je meer gedetailleerde  cijfers en achtergronden en kun je de cijfers van je eigen gemeente op diverse niveaus benchmarken. Liever vooruitkijken? Dat kan met onze nieuwe Prognosemodel Personeelsbehoefte Gemeenten. 

Misschien vind je dit ook interessant

Personeelsbehoefte Gemeenten 

Personeelsbehoefte Gemeenten 

Prognosemodel

Lees meer
VNG Jaarcongres 2026

VNG Jaarcongres 2026

Naar het nieuws